‘s ochtends negen uur, parkeergarage de Driehoek in Oldenzaal. Ik werp nog één blik op mijn felblauwe Peugeot, voordat ik me door de roltrap gestaag omhoog laat voeren. Langzaam torent mijn hoofd boven de balustrades in het winkelcentrum.
Zoals altijd is het muisstil. Of het moeten wat rinkelende koffiekopjes zijn in het cafeetje naast de Kruidvat. De dames van Bart Smit en Bakkerij Bart zijn al druk in de weer om een lange werkdag voor te bereiden.
En door de speakers klinkt muziek. Kerstmuziek. Geen door Frank Sinatra vertolkte ‘Have yourself a merry little Christmas’ of het even prachtige ‘Thank God it’s Christmas’ van Queen, maar zoetsappige nummers van Mariah Carey en consorten.
Het mag geen geheim meer worden genoemd: ik heb het niet zo met de feestdagen. Waardoor het komt? Geen idee, want ik vind de winter eigenlijk wel fijn. Een middag koukleumen bij een voetbalwedstrijd en daarna de kantine in om met z’n allen een biertje te drinken. Of twee, of drie.
Enfin, het moge duidelijk zijn. Het heeft zijn charme, met bevroren en onbeweegbare tenen, klappertandend thuiskomen en met een warme chocolademelk gezellig voor de verwarming zitten (helaas hebben wij geen open haard). Het is wat anders dan in de bloedhete zomer, vies van je eigen zweet, op te staan terwijl de rugleuning van de stoel nog aan je achterste zit vastgekleefd.
Toch heb ik een hekel aan feestdagen. Noem ze maar op: Sinterklaas, Kerst, Pasen, oud & nieuw, Sint Juttemus. Het heeft misschien te maken met het feit dat feestdagen geen feestdagen meer zijn.
Het zijn feestmaanden.
Eind september, terwijl de terrasjes nog bomvol nazomerende schaarsgeklede dames zitten, worden de eerste pepernoten de winkels al binnengereden. Als Sinterklaas het land uit is komen de kerstkransjes weer te voorschijn en heeft de helft van Nederland al een denneboom in de kamer staan. Om nog maar niet te spreken van die achterlijke blauw verlichte voortuinen. Alsof het een helikopterlandplaats is. Pasen wordt halverwege februari langzaam ingezet, vlak nadat Nederland zijn jaarlijkse massale verkleedpartijtje (Carnaval heet dat volgens mij, in de volksmond) met een drie dagen durende kater vaarwel heeft gezegd. En halverwege oktober kijk ik ‘s avonds vertwijfeld naar de jaarkalender, omdat in de achterstandswijk waar ik woon een dagelijkse vuurwerkshow te zien is.
Het is jammer. We noemen het kerstfeest een traditie die te allen tijde in stand moet worden gehouden, maar laten we het dan ook als een traditie behandelen. Dat betekent de boom een paar dagen voor kerst optuigen, in plaats van eind november. Bij ons thuis staat hij dit jaar waarschijnlijk niet, trouwens, die kunstboom. Het plezier is er wel een beetje van af. En of mij dat een saaie zak maakt? Saai in ieder geval niet, maar ik heb gewoon een hekel aan het verplichte. Het gedwongen vrolijk mee moeten doen aan een feest dat tegenwoordig meer bedoeld is om zoveel mogelijk geld uit de portemonnee van de consument te trekken in plaats van het uitbeelden van de traditionele kerstgedachte. Zoiets zie je alleen nog in de kerk…. Maar daar zal ik niet zijn, de 25ste. Misschien zit ik gewoon op mijn kamer, kijk ik een film of zet ik Lonely Christmas van Mud erop. Wat een heerlijk toepasselijk nummer trouwens.
maandag 21 december 2009
dinsdag 1 december 2009
De Kaffeefahrten Maffia
Mijn stage bij de Twentsche Courant Tubantia zit er op (eindcijfer 8). Althans, mijn eerste stage, want in overleg met de school en de redactie heb ik mijn verblijf met drie maand kunnen verlengen. Nu wil ik niet met al mijn geschreven verhalen voor de krant te koop lopen, maar één opmerkelijk verhaal springt er tussenuit. Het gaat om een zogenaamde tombola (verloting waarbij er altijd prijs is volgens de VanDale), die de benaming gebruikt als lokkertje voor dubieuze verkooppraktijken en gladde praatjes. Enfin, het betreft het onderstaande artikel:

Publiek gewaarschuwd, de consument tevreden, hoofdstuk afgesloten zou je denken. Niets blijkt echter minder waar. Enkele weken geleden schreef een collega-journalist van de TC Tubantia een sfeerverslag van zo'n verkapte verkoopdemonstratie. Het bracht mij weer op een zoektocht naar de in Duitsland bekendstaande 'Kaffeefahrten Maffia'. Van een onschuldig eenmansbedrijf dat wat bijbeunt lijkt geen sprake meer. Hoewel het Euro-team en consorten op de randen van de wet balanceren, zijn vele ouderen makkelijk te paaien met de misleidende prijsuitnodigingen. Het gezicht en de werkwijze van de in het buitenland opererende Kaffeefahrtenaanbieders worden mij steeds duidelijker. Ze lijken dichterbij te zitten dan aanvankelijk gedacht.
Wordt vervolgd!
Dubieuze tombola in De Lutte[Bron: TC Tubantia, 25 september 2009, Wilco Louwes]
LOSSER/DE LUTTE – De heer en mevrouw Silder uit Losser keken deze week vreemd op, toen zij namens het ‘Euro-team’ een uitnodiging voor een prijsuitreiking in De Lutte kregen toegestuurd. De brief, verzonden in een blanco envelop, meldde dat een prijs ter waarde van 300 euro op het echtpaar wacht. Deze moet dan wel op de ochtend van 8 oktober in zalencentrum De Vereeniging in De Lutte worden opgehaald, want toezending per post is niet mogelijk. Ook doet de brief de Silders vermoeden een espresskoffiezetapparaat (inderdaad zonder ‘o’) te hebben gewonnen, maar dat blijkt nog niet het geval.
Euro-team: ‘Prijzen in brief gegarandeerd’
Ze waren allerminst gecharmeerd van de uitnodiging voor de zomertombola in De Vereeniging in De Lutte. In de brief staat dat de familie Silder uit Losser de prijs vorig jaar niet heeft afgehaald en nu nog één kans heeft om ervan te profiteren, voordat het komt te vervallen. Het echtpaar zegt van die bewuste prijs echter nog nooit iets gehoord te hebben.
Bij aanwezigheid op 8 oktober worden de geadresseerden diverse cadeaus beloofd. Zo wacht er behalve de prijs ter waarde van 300 euro ook een digitale klok/fotolijst op het echtpaar. Als ze een ander stel meenemen, slepen ze ook nog eens een kaasmessenset in de wacht.
Opvallend aan de brief is het lijstje met prijzen dat (inmiddels) al is overhandigd. Daartussen prijkt de naam van Silder, met volledige postcode. Bij de andere prijswinnaars worden alleen de cijfers van de postcode vermeld. Een zoektocht naar de anderen namen op de lijst; Bakker, Harmsen, Smeets en Albers in de betreffende postcodes levert een resultaat van soms wel veertig mogelijke personen op.
Het Euro-team GmbH, zoals het bedrijf voluit heet, is gehuisvest in het duitse Augustdorf, heeft een postbus op industrieterrein Het Broek in Arnhem en een KvK-nummer dat naar een rechtspersoon in het Gelderse Velp verwijst. Het bedrijf (dat voornamelijk handelt in dekbedden en matrassen) en de bijbehorende tombola worden door consumenten op het internetforum van Tros-programma Radar veel bekritiseerd. Euro-team verzoekt geadresseerden in zijn brieven vriendelijk met vragen niet de betreffende zaal te bellen, want die kan toch geen nadere informatie geven. Daarvoor is er door het Duitse bedrijf op werkdagen tussen 9.00 en 12.00 uur de infolijn in het leven geroepen.
Een woordvoerster van Euro-team GmbH laat via die infolijn weten dat alle prijzen op de brief gegarandeerd zijn. “Mensen zeggen 300 euro te krijgen, maar op de brief staat een prijs ter waarde van 300 euro”, benadrukt ze. Een andere woordvoerster, Femke, bevestigt haar collega. Wel erkent ze dat het in de brief niet om een espresso-koffiezetapparaat gaat. “Er wordt één espresskoffiezetapparaat verloot onder alle postcodes van geadresseerden uit de omgeving”, laat ze weten.
Zalencentrum de Vereeniging weet niks van de intenties van het Euro-team. De zaal is door een tussenpersoon van de in Duitsland gehuisveste maatschappij afgehuurd. Eerder zou het Euro-team wel demonstraties hebben gegeven in het toenmalige zalencentrum De Tankenberg. Er zijn inmiddels meerder vragen over de prijsuitreiking binnengekomen. Het is daarom nog niet bekend of de zomertombola in De Lutte wel zal doorgaan. Ook de politie Twente heeft zich inmiddels op de kwestie gestort en waarschuwt mensen voor valse verwachtingen.
Publiek gewaarschuwd, de consument tevreden, hoofdstuk afgesloten zou je denken. Niets blijkt echter minder waar. Enkele weken geleden schreef een collega-journalist van de TC Tubantia een sfeerverslag van zo'n verkapte verkoopdemonstratie. Het bracht mij weer op een zoektocht naar de in Duitsland bekendstaande 'Kaffeefahrten Maffia'. Van een onschuldig eenmansbedrijf dat wat bijbeunt lijkt geen sprake meer. Hoewel het Euro-team en consorten op de randen van de wet balanceren, zijn vele ouderen makkelijk te paaien met de misleidende prijsuitnodigingen. Het gezicht en de werkwijze van de in het buitenland opererende Kaffeefahrtenaanbieders worden mij steeds duidelijker. Ze lijken dichterbij te zitten dan aanvankelijk gedacht.
Wordt vervolgd!
dinsdag 8 september 2009
Intro’s en ontgroeningen
Anderhalve week geleden.
Ik loop vanuit het schoolgebouw van Windesheim naar mijn auto en passeer onderweg de gymzaal. Niets bijzonders zul je zeggen, zo’n gymzaal. Maar met deze gymzaal was iets aan de hand.
De buitendeur stond namelijk open.
En in de gymzaal zelf lagen wel honderd slaapzakken met her en der wat verfrommelde kleren, volgepakte weekendtassen en opgedofte kussens. Er liepen wat verdwaalde studenten in t-shirts zo felgeel, dat ik mijn ogen moest dichtknijpen.
Ik besefte wat er aan de hand was: de jaarlijkse introweek.
De introweek, een van de vele fenomenen die mij volledig is ontgaan.
Je moet het hebben meegemaakt, zo wordt er gezegd.
Ja, fantastisch.
Je de hele week de klaplazarus zuipen.
Zo gaat dat nu eenmaal, goed voor de contacten, zeggen ze.
Contacten met andere mensen die zich ook de hele week de klaplazarus zuipen.
Mensen die je de week erna, in nuchtere toestand, niet meer herkennen.
Dat moet wel een hele belevenis zijn.
De volgepakte gymzaal met slaapzakken.
Het deed me even denken aan zo’n vluchtelingenkamp, die je op televisie wel eens ziet als er weer iets aan de hand is in het Midden-Oosten.
Met z’n allen de hele week op een kluitje liggen.
Benauwd.
Tegen onbekenden aan.
De harde, kille grond van de gymzaal.
In de doordringende bierlucht.
Gezellig.
Ik lig dan toch liever in mijn eigen bedje.
Niet dat dat alles is, het krakerige ding is een niet passende bouwval waar ik tijdens mijn slaap al twee keer doorheen ben gezakt.
Maar hij slaapt nog goed en zeker beter dan een zaal waar het hele jaar sporters hun zweet op laten gutsen
Het is niet eens zozeer de introweek waar ik een aangeboren hekel aan heb.
Introweken zijn namelijk verbonden een het instituut dat ik het meest verafschuw: een studentenvereniging.
En een doorsnee studentenvereniging kent weer een zogenaamde ontgroening.
Vieze opdrachtjes die je moet vervullen om er bij te kunnen horen. De slaaf van de tweedejaars.
Dat is wel het laatste dat ik zou doen.
Ik kijk op Youtube en zie hoe nieuwe studenten worden geplaagd, gepest, en uitgescholden.
Hoe ze worden besmeurd met viezigheden, worden geslagen en hoe de broek van hun kont wordt getrokken.
Ook bij de meiden.
Wie legt me alsjeblieft uit wat hier leuk aan is? Want ik ben al jaren op zoek naar een goed argument en ik ben benieuwd of ik er dan ook net zo stom en nichterig om kan lachen als die losers die deze ziekelijke rituelen ook nog op film zetten. Het is me na dertien filmpjes namelijk nog steeds niet gelukt!
Neem dan die ontgroeningen die we niet eens op film terugzien, maar direct in de krant, als er weer iemand is opgenomen in het ziekenhuis met een alcohol- of watervergiftiging.
Want ook bij ontgroeningen mag zuipen natuurlijk niet ontbreken. Nee, dat is onlosmakelijk verbonden met het ideale studentikoze leven. Zuipen en teren op de maximale lening bij de IBG, die schuld betalen we over tien jaar wel af. Toekomst is niet belangrijk.
Ik weet niet wie ik nu zieliger moet vinden.
Zijn het de mensen die de ziekelijke ontgroeningen bedenken of zijn het de mensen die ze uitvoeren, zodat ze geaccepteerd worden in de groep?
Noem mij te nuchter.
Noem mij te serieus.
Maar ik vind ze beide door en door triest.
Ik loop vanuit het schoolgebouw van Windesheim naar mijn auto en passeer onderweg de gymzaal. Niets bijzonders zul je zeggen, zo’n gymzaal. Maar met deze gymzaal was iets aan de hand.
De buitendeur stond namelijk open.
En in de gymzaal zelf lagen wel honderd slaapzakken met her en der wat verfrommelde kleren, volgepakte weekendtassen en opgedofte kussens. Er liepen wat verdwaalde studenten in t-shirts zo felgeel, dat ik mijn ogen moest dichtknijpen.
Ik besefte wat er aan de hand was: de jaarlijkse introweek.
De introweek, een van de vele fenomenen die mij volledig is ontgaan.
Je moet het hebben meegemaakt, zo wordt er gezegd.
Ja, fantastisch.
Je de hele week de klaplazarus zuipen.
Zo gaat dat nu eenmaal, goed voor de contacten, zeggen ze.
Contacten met andere mensen die zich ook de hele week de klaplazarus zuipen.
Mensen die je de week erna, in nuchtere toestand, niet meer herkennen.
Dat moet wel een hele belevenis zijn.
De volgepakte gymzaal met slaapzakken.
Het deed me even denken aan zo’n vluchtelingenkamp, die je op televisie wel eens ziet als er weer iets aan de hand is in het Midden-Oosten.
Met z’n allen de hele week op een kluitje liggen.
Benauwd.
Tegen onbekenden aan.
De harde, kille grond van de gymzaal.
In de doordringende bierlucht.
Gezellig.
Ik lig dan toch liever in mijn eigen bedje.
Niet dat dat alles is, het krakerige ding is een niet passende bouwval waar ik tijdens mijn slaap al twee keer doorheen ben gezakt.
Maar hij slaapt nog goed en zeker beter dan een zaal waar het hele jaar sporters hun zweet op laten gutsen
Het is niet eens zozeer de introweek waar ik een aangeboren hekel aan heb.
Introweken zijn namelijk verbonden een het instituut dat ik het meest verafschuw: een studentenvereniging.
En een doorsnee studentenvereniging kent weer een zogenaamde ontgroening.
Vieze opdrachtjes die je moet vervullen om er bij te kunnen horen. De slaaf van de tweedejaars.
Dat is wel het laatste dat ik zou doen.
Ik kijk op Youtube en zie hoe nieuwe studenten worden geplaagd, gepest, en uitgescholden.
Hoe ze worden besmeurd met viezigheden, worden geslagen en hoe de broek van hun kont wordt getrokken.
Ook bij de meiden.
Wie legt me alsjeblieft uit wat hier leuk aan is? Want ik ben al jaren op zoek naar een goed argument en ik ben benieuwd of ik er dan ook net zo stom en nichterig om kan lachen als die losers die deze ziekelijke rituelen ook nog op film zetten. Het is me na dertien filmpjes namelijk nog steeds niet gelukt!
Neem dan die ontgroeningen die we niet eens op film terugzien, maar direct in de krant, als er weer iemand is opgenomen in het ziekenhuis met een alcohol- of watervergiftiging.
Want ook bij ontgroeningen mag zuipen natuurlijk niet ontbreken. Nee, dat is onlosmakelijk verbonden met het ideale studentikoze leven. Zuipen en teren op de maximale lening bij de IBG, die schuld betalen we over tien jaar wel af. Toekomst is niet belangrijk.
Ik weet niet wie ik nu zieliger moet vinden.
Zijn het de mensen die de ziekelijke ontgroeningen bedenken of zijn het de mensen die ze uitvoeren, zodat ze geaccepteerd worden in de groep?
Noem mij te nuchter.
Noem mij te serieus.
Maar ik vind ze beide door en door triest.
woensdag 26 augustus 2009
Heimwee naar belspellen
Ontroerd kijk ik naar de geile dames die de seksadvertenties op de commerciële zenders ’s nachts vullen. ‘Programma’s’ die luisteren naar namen als BabeTV, Late Night, Nachtlounge, Erostijl en Relax TV. Ik houd er van om ’s nachts lekker lang op te zitten, maar wie verlost me dan alsjeblieft van Roxy2, Linda6 en Gwen4, die ‘wijdbeens’ wachten op een vent met een ‘echte grote knuppel’?!
Volgens mij heeft de Tweede Kamer het op mij gemunt.
Ze hebben lucht gekregen van mijn nachtelijke escapades voor de beeldbuis en nu willen moraalridders Femke Halsema, Ab Klink en consorten revanche.
Eerst moesten de belspelletjes er aan geloven.
Een doodszonde als je het mij vraagt.
Misleiding of niet, maar belspelletjes zijn verschrikkelijk leuk om ’s nachts naar te kijken. Vooral na het uitgaan, onder het genot van een Cola en met de laptop op schoot is het lachen geblazen.
Er is namelijk niets leuker dan luisteren naar mensen die bij een dier met de ‘S’ denken aan de Chimpansee. En dan de blunders die de blonde dozen van de presentatie zelf begaan: super! Hadden ze die selectie van winnaars nu maar iets eerlijker laten verlopen, dan was er nu geen probleem.
Toen de belspelletjes naar de prullenbak werden verwezen zat ik even in zak en as.
Hoe moest ik mij ’s nachts dan nog scherp houden?
Gelukkig kwamen de televisiebazen met een redelijke oplossing om ook mij te kunnen behagen: AstroTijd.
Geen toptelevisie en bij de presentatie van de meeste helderzienden zelfs verschrikkelijk, maar voor Edward van Erp kon je me altijd nog even uit bed houden.
Wat een man, die met onuitputtelijk enthousiasme positieve tips geeft aan zijn hulpbehoevende bellers.
“Ik heb er geen zin meer in, in het leven”, kermde eens een verwarde vrouw door de telefoon. Haar werd direct (en gratis) een zogenaamde privéconsult gegeven.
Zo is Edward.
Ook deed hij eens uitspraken over iemand die op dat moment in een coma lag. Deze uitspraken werden met zoveel enthousiasme bij de kijkers ontvangen, dat hij de hele nacht werd platgebeld door scheldende nietsnutten.
Geweldige televisie dus, als je om 2.00 uur nog op zit.
Ik heb me in ieder geval rot gelachen.
Helaas werd ook deze vorm van televisie niet toegelaten, omdat het ook het stempel ‘misleiding’ werd gegeven.
Wat dat betreft is het er nu niet veel beter op geworden.
Elke avond blonde langharige dames die met opengesperde benen en roze slipjes zo erotisch mogelijk klinkende vunzige teksten uitkramen.
Opvallend: allemaal lijken ze dezelfde ingesproken omastem te hebben.
Ook nu, tijdens het schrijven van deze blog, is er niet veel soeps op Relax TV.
Een blonde dame op het strand van Bloemendaal, die tussen de duinen vertelt over haar korte rokje en hoe je ‘overal gemakkelijk bij kan komen’.
De stoeipoes speelt sierlijk met haar zwarte kanten behaatje, alsof deze niet goed zit. Ze knipoogt wat in de camera, zet haar even zo geile vriendin (die toevallig net single is en dus te bereiken is op een privé sms boxnummer dat handen vol geld kost en met paarse letters in beeld verschijnt) nog even in de picture en weet dan ook niks nuttigs meer te doen.
Kunnen de commerciële zenders alsjeblieft iets anders verzinnen om de nacht mee te vullen?
Herhalingen?
Leuke oudere films?
TV-programma’s van vroeger?
Help me a.u.b. !
Anders voel ik me gedwongen om vroeg naar bed te gaan!
Volgens mij heeft de Tweede Kamer het op mij gemunt.
Ze hebben lucht gekregen van mijn nachtelijke escapades voor de beeldbuis en nu willen moraalridders Femke Halsema, Ab Klink en consorten revanche.
Eerst moesten de belspelletjes er aan geloven.
Een doodszonde als je het mij vraagt.
Misleiding of niet, maar belspelletjes zijn verschrikkelijk leuk om ’s nachts naar te kijken. Vooral na het uitgaan, onder het genot van een Cola en met de laptop op schoot is het lachen geblazen.
Er is namelijk niets leuker dan luisteren naar mensen die bij een dier met de ‘S’ denken aan de Chimpansee. En dan de blunders die de blonde dozen van de presentatie zelf begaan: super! Hadden ze die selectie van winnaars nu maar iets eerlijker laten verlopen, dan was er nu geen probleem.
Toen de belspelletjes naar de prullenbak werden verwezen zat ik even in zak en as.
Hoe moest ik mij ’s nachts dan nog scherp houden?
Gelukkig kwamen de televisiebazen met een redelijke oplossing om ook mij te kunnen behagen: AstroTijd.
Geen toptelevisie en bij de presentatie van de meeste helderzienden zelfs verschrikkelijk, maar voor Edward van Erp kon je me altijd nog even uit bed houden.
Wat een man, die met onuitputtelijk enthousiasme positieve tips geeft aan zijn hulpbehoevende bellers.
“Ik heb er geen zin meer in, in het leven”, kermde eens een verwarde vrouw door de telefoon. Haar werd direct (en gratis) een zogenaamde privéconsult gegeven.
Zo is Edward.
Ook deed hij eens uitspraken over iemand die op dat moment in een coma lag. Deze uitspraken werden met zoveel enthousiasme bij de kijkers ontvangen, dat hij de hele nacht werd platgebeld door scheldende nietsnutten.
Geweldige televisie dus, als je om 2.00 uur nog op zit.
Ik heb me in ieder geval rot gelachen.
Helaas werd ook deze vorm van televisie niet toegelaten, omdat het ook het stempel ‘misleiding’ werd gegeven.
Wat dat betreft is het er nu niet veel beter op geworden.
Elke avond blonde langharige dames die met opengesperde benen en roze slipjes zo erotisch mogelijk klinkende vunzige teksten uitkramen.
Opvallend: allemaal lijken ze dezelfde ingesproken omastem te hebben.
Ook nu, tijdens het schrijven van deze blog, is er niet veel soeps op Relax TV.
Een blonde dame op het strand van Bloemendaal, die tussen de duinen vertelt over haar korte rokje en hoe je ‘overal gemakkelijk bij kan komen’.
De stoeipoes speelt sierlijk met haar zwarte kanten behaatje, alsof deze niet goed zit. Ze knipoogt wat in de camera, zet haar even zo geile vriendin (die toevallig net single is en dus te bereiken is op een privé sms boxnummer dat handen vol geld kost en met paarse letters in beeld verschijnt) nog even in de picture en weet dan ook niks nuttigs meer te doen.
Kunnen de commerciële zenders alsjeblieft iets anders verzinnen om de nacht mee te vullen?
Herhalingen?
Leuke oudere films?
TV-programma’s van vroeger?
Help me a.u.b. !
Anders voel ik me gedwongen om vroeg naar bed te gaan!
dinsdag 18 augustus 2009
Brugklas
De scholen zijn weer begonnen. Ja mensen, het is weer zover.
Ik kan niet wachten om ’s ochtends rond acht uur al die brugklassertjes gehaast en met overdreven ingepakte rugzakken, slingerend over de Van Deinselaan te zien fietsen.
Het doet me denken aan hoe ik zelf voor het eerst naar school vertrok.
‘Twee boeken voor Nederlands. Deel A en B. Laat ik ze allebei maar meenemen, dan is het altijd goed.’
Aan het eind van de dag pakte ik alle twintig boeken weer braaf uit, om tot de conclusie te komen dat ik er maar drie gebruikt had.
Een paar jaar later ging het anders. Toen nam ik pas een boek mee naar school, als ik het echt nodig had.
Resultaat: bijna elke dag een halflege tas en de broodtrommel die voor opvulling zorgt.
Achja, de brugklas.
Die goede oude tijd.
De spanning, die maanden van tevoren al begint, maar na het afsluiten van de CITO-toets pas echt toeneemt. Dan begint het zoeken naar de nieuwe school.
Bij mij werd het Zuid. Het Stedelijk Lyceum.
‘De school waar iedereen een mes draagt’, zo werd hier en daar al geroddeld. Messen heb ik er nooit gezien, op school, behalve in het lokaal van verzorging.
Over verzorging gesproken, daar noem ik ook een vak. Alles wat er in deze nutteloze uren werd verteld ging bij mij het ene oor in en het andere uit. Nu weet ik dus spijtig genoeg nog steeds niet hoe die wasmachine van ons werkt!
De brugklas op Zuid.
Het is even wennen, al die regels.
Zo mag je bijvoorbeeld tijdens de pauze niet in het midden van de aula gaan zitten.
Nouja, het mag wel, maar het is je sterk afgeraden.
Elk jaar zijn er weer enkele gewetenloze figuren die het erop wagen.
En elk jaar worden ze binnen enkele minuten weggejaagd door een regen aan kleingeld, dat vanaf boven, vanaf de befaamde vide, naar ze toe wordt geworpen.
Het eerste jaar op de grote school.
Elke vijftig minuten de bel. Een monotone pieptoon die je tien seconden lang irriteert.
En dan: tas inpakken, opstaan en rennen. Wurmend door de massa.
Hoe sneller hoe beter.
Want als je niet binnen vijf minuten in het andere lokaal bent, dan zwaait er wat!
Elke vijftig minuten een bel.
Voordat ik de baard in de keel kreeg, had ik het tot mijn kunst verheven om de bel exact te kunnen imiteren. Dat heeft me in het tweede jaar zelfs wat strafwerk gekost, bij de strenge mevrouw Huizingh van Duits.
Tien minuten voor het einde van de les, imiteerde ik onopvallend de bel. De klas stond op en liep het lokaal uit.
Mevrouw Huizingh pakte haar tas.
Ik stond even later buiten in de schijnwerpers en natuurlijk mocht iedereen weten dat ik het was, van die bel. Jammer genoeg stond mevrouw Huizingh in de deuropening.
En terwijl de echte bel klonk, ging de grijze bos krullen van Huizingh gebukt over ‘Na Klar!’ Gedecideerd wijzend naar de woordenlijsten die ik zou moeten gaan overschrijven.
Een jaartje brugklas.
Drie disco’s en een kerstbal, dat had je nog nooit meegemaakt.
Ja, met kerst deed je wel iets oubolligs op de basisschool. Met z’n allen in de klas, met een plastic bord op je met papieren kleed gedekte schooltafel. En dan gezellig aan het kerstdiner, tientallen kaarsjes die voor het prille licht zorgen.
Nee, dan gaat het er op de middelbare school wel anders aan toe. Daar waren disco’s die tot elf en soms wel tot twaalf uur duurden!
Dansen deed je niet, of amper. Alleen schuifelen, daar was je nog wel voor te porren.
Zodra de bekende ballads - ik noem de titelsong van Titanic of Notting Hill - aanvingen ging men op zoek naar een danspartner. En daar stond je dan, op de dansvloer. Nouja, ik vaker niet dan wel. Dus daar stond ik dan te kijken hoe er langzaam werd geschuifeld over de met cola en andere smerigheid besmeurde dansvloer.
Een heel jaar brugpieper.
En dan is het voorbij, dan ga je naar de tweede klas.
Met een nieuwe lading brugpiepers die de school komt verkennen.
En dan ben jij degene die ze uitlacht en plaagt.
Dan begint de nieuwe tijd.
De tassen worden lichter, de schooldagen korter.
En als je echt oud genoeg bent, dan mag je elke dag bekijken, hoe duizenden scholieren zich met chagrijnige koppies naar school begeven.
De brugklas, die goede oude tijd.
Ik kan niet wachten om ’s ochtends rond acht uur al die brugklassertjes gehaast en met overdreven ingepakte rugzakken, slingerend over de Van Deinselaan te zien fietsen.
Het doet me denken aan hoe ik zelf voor het eerst naar school vertrok.
‘Twee boeken voor Nederlands. Deel A en B. Laat ik ze allebei maar meenemen, dan is het altijd goed.’
Aan het eind van de dag pakte ik alle twintig boeken weer braaf uit, om tot de conclusie te komen dat ik er maar drie gebruikt had.
Een paar jaar later ging het anders. Toen nam ik pas een boek mee naar school, als ik het echt nodig had.
Resultaat: bijna elke dag een halflege tas en de broodtrommel die voor opvulling zorgt.
Achja, de brugklas.
Die goede oude tijd.
De spanning, die maanden van tevoren al begint, maar na het afsluiten van de CITO-toets pas echt toeneemt. Dan begint het zoeken naar de nieuwe school.
Bij mij werd het Zuid. Het Stedelijk Lyceum.
‘De school waar iedereen een mes draagt’, zo werd hier en daar al geroddeld. Messen heb ik er nooit gezien, op school, behalve in het lokaal van verzorging.
Over verzorging gesproken, daar noem ik ook een vak. Alles wat er in deze nutteloze uren werd verteld ging bij mij het ene oor in en het andere uit. Nu weet ik dus spijtig genoeg nog steeds niet hoe die wasmachine van ons werkt!
De brugklas op Zuid.
Het is even wennen, al die regels.
Zo mag je bijvoorbeeld tijdens de pauze niet in het midden van de aula gaan zitten.
Nouja, het mag wel, maar het is je sterk afgeraden.
Elk jaar zijn er weer enkele gewetenloze figuren die het erop wagen.
En elk jaar worden ze binnen enkele minuten weggejaagd door een regen aan kleingeld, dat vanaf boven, vanaf de befaamde vide, naar ze toe wordt geworpen.
Het eerste jaar op de grote school.
Elke vijftig minuten de bel. Een monotone pieptoon die je tien seconden lang irriteert.
En dan: tas inpakken, opstaan en rennen. Wurmend door de massa.
Hoe sneller hoe beter.
Want als je niet binnen vijf minuten in het andere lokaal bent, dan zwaait er wat!
Elke vijftig minuten een bel.
Voordat ik de baard in de keel kreeg, had ik het tot mijn kunst verheven om de bel exact te kunnen imiteren. Dat heeft me in het tweede jaar zelfs wat strafwerk gekost, bij de strenge mevrouw Huizingh van Duits.
Tien minuten voor het einde van de les, imiteerde ik onopvallend de bel. De klas stond op en liep het lokaal uit.
Mevrouw Huizingh pakte haar tas.
Ik stond even later buiten in de schijnwerpers en natuurlijk mocht iedereen weten dat ik het was, van die bel. Jammer genoeg stond mevrouw Huizingh in de deuropening.
En terwijl de echte bel klonk, ging de grijze bos krullen van Huizingh gebukt over ‘Na Klar!’ Gedecideerd wijzend naar de woordenlijsten die ik zou moeten gaan overschrijven.
Een jaartje brugklas.
Drie disco’s en een kerstbal, dat had je nog nooit meegemaakt.
Ja, met kerst deed je wel iets oubolligs op de basisschool. Met z’n allen in de klas, met een plastic bord op je met papieren kleed gedekte schooltafel. En dan gezellig aan het kerstdiner, tientallen kaarsjes die voor het prille licht zorgen.
Nee, dan gaat het er op de middelbare school wel anders aan toe. Daar waren disco’s die tot elf en soms wel tot twaalf uur duurden!
Dansen deed je niet, of amper. Alleen schuifelen, daar was je nog wel voor te porren.
Zodra de bekende ballads - ik noem de titelsong van Titanic of Notting Hill - aanvingen ging men op zoek naar een danspartner. En daar stond je dan, op de dansvloer. Nouja, ik vaker niet dan wel. Dus daar stond ik dan te kijken hoe er langzaam werd geschuifeld over de met cola en andere smerigheid besmeurde dansvloer.
Een heel jaar brugpieper.
En dan is het voorbij, dan ga je naar de tweede klas.
Met een nieuwe lading brugpiepers die de school komt verkennen.
En dan ben jij degene die ze uitlacht en plaagt.
Dan begint de nieuwe tijd.
De tassen worden lichter, de schooldagen korter.
En als je echt oud genoeg bent, dan mag je elke dag bekijken, hoe duizenden scholieren zich met chagrijnige koppies naar school begeven.
De brugklas, die goede oude tijd.
Abonneren op:
Posts (Atom)